Vitamine K en D voor baby’s

Vitamine K is een vrij onbekende vitamine, maar daarom niet minder belangrijk.
Het komt voor in groene bladgroenten, fruit, eieren, granen en vette vis.

Het is een in vet oplosbare vitamine en bestaat uit vitamine K1 (fylochinon) en vitamine K2 (menachinin).
Het is belangrijk voor de bloedstolling en waarschijnlijk ook voor de botstofwisseling.
Over dat laatste moet nog meer onderzoek plaatsvinden.

In tegenstelling tot K1 wordt na drie maanden vitamine K2 wel door het lichaam aangemaakt. Dit gebeurt door de bacteriën in de dikke darm.
Maar in deze periode krijgt de baby het ook binnen via de voeding.

Baby's krijgen van de moeder geen vitamine K mee als voorraad en ook borstvoeding schijnt daar niet in te voorzien.
In flesvoeding is het wel toegevoegd. Omdat de baby de eerste drie maanden vitamine K nog niet kan aanmaken en ze geen voorraad mee krijgt, wordt er een supplement geadviseerd.
De eerste 12 weken heeft een baby die borstvoeding krijgt zo'n 150 microgram vitamine K nodig.

Krijg de baby minder dan 500 ml flesvoeding, dan is het ook raadzaam om de voeding aan te vullen met 150 microgram per dag.

Vitamine D
Ook vitamine D is een vetoplosbare vitamine en is belangrijk voor sterke botten en tanden. Het speelt ook een rol bij de instandhouding van de weerstand en bij een goede werking van de spieren.
Tevens bevordert het de opname van de mineralen fosfor en calcium.

De belangrijkste bron van vitamine D is het zonlicht. Het wordt onder invloed van zonlicht in de huid aangemaakt.

Vitamine D komt uitsluitend voor in voedingsmiddelen van dierlijke herkomst. Vooral vette vissoorten, zoals paling, makreel en zalm.

Of de baby nu flesvoeding of borstvoeding krijgt of niet, tot een leeftijd van 4 jaar is het altijd nodig om vanaf dag acht 10 microgram vitamine D aan de baby te geven.
Baby's krijgen namelijk nog niet genoeg vitamine D binnen via de voeding en maken ook nog niet voldoende aan in de huid door middel van het zonlicht. Toch hebben ze het nodig voor een normale groei en de ontwikkeling van de botten.

Heb jij natuurlijke luchtfilters in huis ?

De zuurstof die wij inademen wordt opgenomen in het bloed.
Koolstofdioxide daarentegen wordt uit het bloed gehaald en ademen wij vervolgens weer uit.

Planten en bomen hebben 3 dingen nodig om in leven te blijven: -licht. -water. -koolstofdioxide.

Door middel van zonlicht zal de plant koolstofdioxide opnemen en omzetten in glucose en zuurstof.
De glucose wordt gebruikt als voeding en de zuurstof weer afgegeven aan de buitenlucht.

Dit gehele proces hebben we op school geleerd als fotosynthese.

Maar een plant heeft ook nog een andere functie; het zuivert de lucht.
Daarom kunnen we planten goed gebruiken tegen 'luchtverontreiniging' binnenshuis.

Wetenschappers van de NASA hebben de zuiverende capaciteit van bepaalde planten gemeten,
door ze in afgesloten ruimten met giftige chemicaliën te zetten en elke 12 uur te kijken hoeveel er nog van elke chemische stof over was.
De arekapalm, ladypalm, bamboepalm en de rubberplant scoorden bij dit onderzoek als beste.

Planten in huis geven sfeer en gezelligheid, maar met deze wetenschap hebben we nog een reden om planten in huis te nemen.
Planten als natuurlijke luchtfilters. Denk hierbij niet alleen aan je woonkamer, maar ook aan je slaapkamer.